"Overweldigende rijkdom van Zijn genade"

 23 februari 2014, Br. G. Vochteloo

Afspelen


Download
Audiobestand (MP3)  


Beschrijving
Als we de Here kennen, dan is de brief aan de Kolossenzen ook aan ons gericht. We zijn met Christus opgewekt door de liefde van God. Gods genade is zo groot: Hij heeft dat laten zien in Zijn Woord en zal het laten zien in de toekomst. Voor ons mag het nu al een zekerheid zijn! Opstanding heeft te maken met het lichaam. Opwekking heeft een geestelijke betekenis; we zijn opgewekt uit de dood, maar we zijn nog niet opgestaan uit de dood. We zijn opgewekt en we hebben deel aan de opstanding van Christus, we zijn geplaatst in de hemelse gewesten in Christus. We hebben zoveel ontvangen! Onze gedachten stellen weinig voor. Zij zijn aards gericht. We houden ons vaak bezig met de schaduw van de werkelijkheid en niet met de werkelijkheid zelf : Christus. Regels lijken erg geestelijk, maar behagen slechts ons vlees. Het doel moet steeds zijn wat Gods bedoeling is in ons leven. We behoren puur uit Gods genade te leven. We kunnen uit ons vlees God niet behagen. Door Gods Geest leren we God kennen. Hier op aarde zijn we vreemdelingen, maar we zijn huisgenoten van God!


In de preek aangehaalde bijbelteksten (Statenvertaling)

Kolossenzen 3:1-4
1 Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechter hand Gods. 2 Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn. 3 Want gij zijt gestorven, en uw leven is met Christus verborgen in God. 4 Wanneer nu Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid. 


Efeze 2:4-7
4 Maar God, Die rijk is in barmhartigheid door Zijn grote liefde, waarmede Hij ons liefgehad heeft, 5 Ook toen wij dood waren door de misdaden, heeft ons levend gemaakt met Christus; (uit genade zijt gij zalig geworden), 6 En heeft ons mede opgewekt, en heeft ons mede gezet in den hemel in Christus Jezus; 7 Opdat Hij zou betonen in de toekomende eeuwen den uitnemenden rijkdom Zijner genade, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus. 


Kolossenzen 2:16-23
16 Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten; 17 Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus. 18 Dat dan niemand u overheerse naar zijn wil in nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen hij niet gezien heeft, tevergeefs opgeblazen zijnde door het verstand zijns vleses; 19 En het Hoofd niet behoudende, uit hetwelk het gehele lichaam, door de samenvoegselen en samenbindingen voorzien en samengevoegd zijnde, opwast met goddelijken wasdom. 20 Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet, met inzettingen belast? 21 Namelijk raak niet, en smaak niet, en roer niet aan. 22 Welke dingen alle verderven door het gebruik, ingevoerd naar de geboden en leringen der mensen; 23 Dewelke wel hebben een schijn rede van wijsheid in eigenwilligen gods dienst en nederigheid, en in het lichaam niet te sparen, doch zijn niet in enige waarde, maar tot verzadiging van het vlees. 


Efeze 2:19
19 Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen, en huisgenoten Gods; 


Jesaja 46:10
10 Die van den beginne aan verkondigt het einde, en van ouds af die dingen, die nog niet geschied zijn; Die zegt: Mijn raad zal bestaan, en Ik zal al Mijn welbehagen doen.